Details
ObjectnummerP3370
TitelHet jacht van de Kamer Rotterdam van de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) begroet een Rotterdamse Oostindiëvaarder en een Nederlands oorlogsschip op de rede van Hellevoetsluis.
Vervaardiger Jacob van Strij (schilder)
BeschrijvingHet jacht van de Kamer Rotterdam van de Verenigde Oostindische Compagnie begroet een Rotterdamse Oostindiëvaarder en een Nederlands oorlogsschip op de rede van Hellevoetsluis. Rechts voor vaart het VOC-jacht, een soort statenjacht met een prachtige versierde spiegel en grote Nederlandse natievlag met het logo VOC met een R erboven. Even links van het midden komt de Oostindiëvaarder aanvaren. Dit jacht voert een grote Rotterdamse vlag (groen-wit-groen). Links van de Oostindiëvaarder ligt het oorlogsschip dat eerstgenoemde begeleidt. Op de achtergrond zijn nog diverse andere schepen (klein) afgebeeld.
De Oost-Indiëvaarder in het midden komt net terug van een reis naar Azië. Het VOC-schip wordt begeleid door een oorlogsschip. Het waren dan ook rumoerige tijden. In 1789 was de Franse Revolutie uitgebroken en de Europese politieke situatie was uiterst onstabiel. Een rijk beladen vrachtschip kon je dan beter goed beschermen. Op de voorgrond brengt het jacht van de VOC-kamer (afdeling) Rotterdam enkele bewindhebbers (directieleden) naar het schip, om te horen of de reis goed is verlopen.
Dit indrukwekkend grote doek – het is maar liefst 173 bij 279 centimeter groot - was oorspronkelijk een behangsel, een beschilderd linnen doek dat een muur geheel bedekte. Die muur bevond zich in de Wijnstraat in Dordrecht, in het huis van VOC-bewindhebber Mattheus Onderwater (1726-1809). Staande naast zijn ‘behang’ kon hij aan zijn bezoekers vertellen hoe hij als eerste de retourschepen tegemoet ging. Misschien is hij het wel, die aan dek van het VOC-jacht zit.
De Oost-Indiëvaarder in het midden komt net terug van een reis naar Azië. Het VOC-schip wordt begeleid door een oorlogsschip. Het waren dan ook rumoerige tijden. In 1789 was de Franse Revolutie uitgebroken en de Europese politieke situatie was uiterst onstabiel. Een rijk beladen vrachtschip kon je dan beter goed beschermen. Op de voorgrond brengt het jacht van de VOC-kamer (afdeling) Rotterdam enkele bewindhebbers (directieleden) naar het schip, om te horen of de reis goed is verlopen.
Dit indrukwekkend grote doek – het is maar liefst 173 bij 279 centimeter groot - was oorspronkelijk een behangsel, een beschilderd linnen doek dat een muur geheel bedekte. Die muur bevond zich in de Wijnstraat in Dordrecht, in het huis van VOC-bewindhebber Mattheus Onderwater (1726-1809). Staande naast zijn ‘behang’ kon hij aan zijn bezoekers vertellen hoe hij als eerste de retourschepen tegemoet ging. Misschien is hij het wel, die aan dek van het VOC-jacht zit.
Vervaardiging plaatsDordrecht
Datum 1790 - 1795
PersoonstrefwoordVerenigde Oost-Indische Compagnie
Objectnaamschilderij, olieverfschilderij
ObjectcategorieSchilderijen
Materiaallinnen[textiel], olieverf
Techniekbeschilderd
Formaat
spieraam hoogte: 177.00 cm
spieraam breedte: 283.00 cm
lijst hoogte: 195.00 cm
lijst breedte: 302.00 cm
lijst dikte: 10.50 cm
spieraam breedte: 283.00 cm
lijst hoogte: 195.00 cm
lijst breedte: 302.00 cm
lijst dikte: 10.50 cm
StandplaatsOp zaal
English










